dinsdag 11 maart 2008

Schaduwschaamte


11 Maart. We zijn de derde maand al ingegaan. Er komt niet veel schot in de zaak. U weet wel, dat gegeven wat zich in december aankondigd, om in januari van start te gaan en zich te herhalen wegens gebrek aan discipline. De zaak van de goede voornemens. Ik heb er nooit eerder aan meegedaan. Was overbodig. Wat deed ik nou verkeerd, of moest ik verbeteren? Maar afgelopen jaar ging het niet meer. Ik moest er iets aan doen. Zo kon het niet langer.

Als ik schrijf, dan gaat dat vanzelf. Ik bepaal niet op voorhand welke letters er op het witte veld worden geslagen. Maar soms, dan moeten er van die dingen uit, van die dingen waarvan ik veronderstel dat geen mens ze weten wil. Van die dingen die je niet hoort te zeggen, ondanks alle wetten op vrije meningsuiting. Van die dingen die ... getuigen van -mijn excuses- een zieke geest. Zuur en bitter, alsof ik een kokhalzend broedmachien van vuiligheid zou zijn, spatten die gedachten in de neergeschreven taal op. En dan nog vaak beschimmeld ook. Want ik hou ze veel te lang binnen. Vanaf het moment dat die brandende woorden op de regels vallen, huiver ik, en stop. Ze zijn niet echt welkom. Ik kan mezelf maar niet overtuigen die schaduwzijde te verkennen. U moet begrijpen dat ik toch steeds mijn fatsoen probeer te houden. Stel U voor dat iedereen zomaar in het rond zou kotsen. Waar gaat dat dan naar toe met de wereld? Geen mens zou mij nog willen aankijken. Op straat loopt iedereen plots de andere kant op, hebben ze me toevallig niet gezien. Dat kan ik mezelf toch niet aandoen.
Naar het schijnt zou het bevrijdend zijn. Een opluchting. Bij deze een poging om wat licht in het duister toe te laten. Tijd om van de schaamte vanaf te komen. Ik moet toch ooit volwassen worden? En het is tenslotte al 11 maart.
En misschien is lelijk ook wel mooi? Veel mooier dan 'frisse-blommen-in-de-zon-mooi'.

Of val ik de mensen er maar beter niet mee lastig? Zou ik nodeloos kwetsen? Ach, U bent dan op zijn minst een beetje gewaarschuwd, voor volgend jaar.